Een Grotere Sweet Spot
New York – Zowel professionele tennissers als recreatieve spelers kunnen last krijgen van een tenniselleboog. Wanneer de bal niet precies op de sweet spot, het optimale raakpunt in het midden van het racket, wordt geraakt, gaat het racket trillen en verdraaien. Hierdoor worden de pezen in de arm extra belast.
Het Amerikaanse bedrijf Dynaspot Corp. ontwikkelde een tennisracket met een bewegende massa die deze verdraaiing tegengaat. Aan beide zijden van het racketframe is een holle ring bevestigd die gevuld is met een stroperige vloeistof. Bij een slag buiten het midden verplaatst de vloeistof zich door de middelpuntvliedende kracht automatisch naar de kant waar ze de verdraaiing compenseert. Raakt de bal onder de sweet spot, dan stroomt de vloeistof naar de bovenkant van het racket; bij een bal boven de sweet spot verplaatst ze zich naar de onderkant. Zo wordt de torsie verminderd, neemt de belasting op de arm af en blijft het racket stabieler, wat de nauwkeurigheid van de slag ten goede komt. Om het extra gewicht van de vloeistof te compenseren, is het racketframe vervaardigd uit lichtgewicht grafiet en zijn niet-dragende verstevigingsribben verwijderd.
Ondertussen ontwikkelde de Zweedse uitvinder Bengt Petersson een systeem genaamd Stringset. Hierbij worden elastische buisjes als hulzen over de buitenste snaren van het racket geplaatst. Deze buisjes dempen de trillingen die ontstaan bij slagen buiten de sweet spot. Daardoor worden zowel het racketframe als de spieren en pezen van de speler minder belast. Tennissers die herstellende waren van een tenniselleboog hebben tijdens hun revalidatie met succes gebruikgemaakt van rackets die met het Stringset-systeem waren uitgerust.
Illustratie links: Het Dynaspot-racket gebruikt een bewegende vloeistof om de torsie van het racket bij een niet-centrale balimpact te compenseren.
Illustratie rechts: Het Stringset-systeem gebruikt elastische buisjes op de buitenste snaren om trillingen te dempen en de effectieve sweet spot van het racket te vergroten.
(bron: Popular Mechanics Magazine, Volume 165, No 4, April, 1988)






